Mijn verkeerde keuzes

Doorgroeifase van mijn levenscyclus (40 - 60 jaar) (1977 - 1997)

 

Hoofdstuk 12 boek 3

 

Het is inmiddels ongeveer zestig jaar geleden dat ik er nog in geloofde dat alleen in de zuidelijke landen van Europa fraude werd gepleegd en wel door criminelen, zoals de mafia. Op grond van mijn ervaring durf ik nu te stellen dat er niet één winkel, bedrijf, onderneming, stichting, sportclub, bank, verzekeringsmaatschappij deurwaarder, curator, bewindvoerder  of wat voor gemeenschap dan ook,  waar geen fraude wordt gepleegd. Soms in het klein maar al gauw in het groot wordt er gefraudeerd als er geld of goederen in het spel zijn.

Ik sprak eens een notaris er op aan dat hij zo duur was voor het maken van een contract. Ons concern bouwde  in een stad een contingent van elf honderd woningen bouwde,  voor de verkoop,  en er moesten dus elf honderd verkoopcontracten  worden gemaakt. Verkoopcontracten die voor iedereen op de naam en nog wat andere persoonlijke gegevens na,  hetzelfde waren. Ik vroeg hem waarom hij 70 gulden voor elk contract rekende terwijl hij slechts de naam behoefde te  veranderen. "Omdat ik zo commercieel als de pest ben", antwoordde hij. Ja, een notaris zei dat.

Ik behoef maar te verwijzen naar de schrootfraude, de bouwfraude, de fraude met woekerpolissen, de verdamping van miljarden euro's bij pensioenfrondsen , de vele klokkenluiders etc. om u in herinnering te brengen wat er zo al in de maatschappij loos is.

Een voorbeeld uit mijn praktijk.Als je een voorraad meer dan twaalf keer per jaar omzet mag je spreken van een zeer courante voorraad. De boekwaarde van de voorraad was 550.000  gulden. Ik tipte daarover een bevriende relatie van mij, dat ik verwachtte dat hij de vertegenwoordigingen van de fabrikanten kon overnemen als hij bereid was de voorraad te kopen. Hij was bereid er 450.000 gulden voor te betalen. De curator die uiteindelijk het faillissement, die  ikzelf had aangevraagd, moest afwikkelen,  liet de voorraad taxeren door een befaamd taxatiekantoor in Amsterdam, T. Deze laatste kon niet anders concluderen, dat de boekwaarde reëel was. Ik informeerde daarop de curator, dezelfde advocaat die destijds Menten had verdedigd, dat mijn relatie tot eerdergenoemde koop bereid was. Die relatie heeft de voorraad inderdaad voor 450.000 gekocht. En nu komt het: De curator heeft de rechter-commissaris, die toezicht hield op de afwikkeling van faillissementen, verteld , dat de voorraadwaarde 50.000 gulden was en daarvoor was verkocht. Taxatiekantoor T. en de curator staken aldus tesamen 400.000 gulden dus elk 200.000 gulden in eigen zak en hebben wellicht hierdoor enkele crditeuren benadeeld. Ik herinner jullie er aan dat ik een brief heb van de rechter-commissaris die mij heeft bevestigd dat ik het faillissement voor één van mijn relaties zo netjes had afgewikkeld.

Dit is een veel voorkomende fraude in Nederland.

Ik kom later met een nog veel grotere fraude in een ander circuit voor meer dan 1.000.000 gulden  en geef openheid van zaken hoe aldaar het zwarte circuit werkte en de belastingdienst willens en wetens niet ingreep.

Ik ga nu weer even terug naar het jaar 1982 waarin ik op zakenreis was in Seoul, Zuid Korea. Tijdens het stappen in de vroege avond ontmoette ik een klein gezelschap van drie meisjes. Ik raakte met hen aan de praat en nodigde ze uit voor een etentje in  het bijna duurste hotel van Seoul, genaamd Lotte. Één van de meisjes bleek een damesmodewinkel te bezitten en zij was ook op stap,  met één van haar verkoopsters en een vriendin die bij haar logeerde, op vakantie was en feitelijk in Las Vegas woonde.

Toeval wilde dat ik tijdens het eten met die drie meisjes aan een andere tafel een schoonheid zag zitten zoals ik werkelijk nog nooit had gezien. Zij dineerde met een grote dikke Amerikaan, maar gluurde regelmatig naar mij. Ik had het even heel moeilijk. Ik moest het gesprek met die meisjes levendig houden, terwijl ik geen oog van die schoonheid kon afhouden. Toen zij op enig moment opstond, veronderstelde ik dat zij naar de toilet ging. Ik bedacht mij geen moment en suggereerde een hoge nood die moest leiden naar de toilet. Onderweg terug ontmoette ik haar in de lobby en gaf haar de naam van mijn hotel en  kamernummer. Meer woorden wisselden wij niet. Daarna keerden wij terug op onze schreden naar de wederzijdse tafels.

Ik vertelde de meisjes dat ik in hotel Shilla logeerde. Hotel Shilla is bekend en geliefd bij wereldleiders en andere grootten der aarde. Toevallig werd er in de dagen dat ik daar logeerde  de Miss World verkiezingen gehouden. Later bleek die schoonheid Miss Korea te zijn. Toen al wist ik, die zal van mij worden. Ik nam de drie meisjes mee in een taxi naar mijn hotel Shilla, met het vooruitzicht dat wij daar zouden gaan dansen in de nachtclub die zich beneden in het hotel bevond. Ik kwam daar graag, omdat al was ik meestal alleen, ik er regelmatig door een dame werd gevraagd voor de dans. Soms wel tientallen op een avond. Ik overdrijf echt niet. Om maar niet te spreken over de andere aanbiedingen die ik verder nog kreeg. Overigens krioelde het in die tijd van meisjes door het hele hotel heen, waarvan de lobby zo groot was, dat in vier hoeken van de lobby er een orkest of muzikant speelde en zij geen last van elkaar ondervonden. 

Tijdens één van mijn vorige reizen was ik nog gevraagd uit te gaan met respectievelijk een barjuffrouw en later met haar bazin, een hotel-manager van hetzelfde hotel. . Met de laatste had ik een diner-complet en met de eerste vloog ik een paar dagen naar het zuidelijkste eiland bij Pusan.

Terugkomend op het dansfestijn. Het was druk. Niet alleen danste ik om de beurt met één van de drie meisjes, maar werd ik ook regelmatig gevraagd door andere meisjes en zelfs missen. Geloof het of niet ik voelde mij als een jonge God, ondanks mijn 45 jaar. Ik weet dat vooral mijn lengte, slankheid, donkere  haren, kleding en vooral mijn gulheid in de smaak vielen. Als Europeaan ben je echt in aldaar.

Al dansend werd het nacht en toen ontstond een probleem. Zoals jullie weten is er tussen Noord-Korea en Zuid-Korea geen vredesbestand. Feitelijk zijn ze nog steeds met elkaar in oorlog. Binnen dat kader houdt Zuid-Korea regelmatig oefeningen waaraan de gehele bevolking meedoet. Zo was er die nacht - en daar had ik geen rekening mee gehouden - een stremming die inhield dat niemand tussen 12.00 en 06.00 's morgens op straat mocht. Ook mogen er geen taxis rijden. De drie meisjes konden dus na het dansen om ongeveer 03.00 in de morgen niet naar huis. Zo goed als ik was loste ik dat probleem op met het aanbod dat zij wel bij mij mochten blijven slapen. Gelukkig was het bed groot genoeg om er met z'n vieren  in te liggen. Één van de meisjes (niet de knapste) kwam op het idee om er maar het beste van te maken en pakte een fles uit de koelkast, die wij tesamen soldaat hebben gemaakt. De lege fles werd gebruikt om hem op de grond rond te draaien en te laten aanwijzen wie een kledingstuk moest uittrekken. In volgorde van naaktheid gingen wij onder de douche en begaven we ons naar bed. Het lelijkste meisje nam mijn hand en bracht hem naar haar kruis. Het vervolg kunnen jullie wel raden. Ik ga er van uit dat ik niet de enige ben die zulke leuke dingen heeft meegemaakt. Hoewel jullie je er niet over durven uitspreken, misschien. Om elf uur in de morgen werd er op de deur geklopt. Ik opende hem en daar stond........ mijn Miss Korea. Natuurlijk kon ik haar nog niet binnenlaten. Ik verontschuldigde mij dat ik nog niet gekleed was en vroeg haar om 13.00 terug te komen. Ik kon natuurlijk ook niet zeggen dat er nog drie schaars geklede meisjes van ongeveer tussen de 20 en 25 jaar  in mijn kamer rondliepen.  Ik werkte de meisjes zo snel mogelijk de kamer uit en wachtte met spanning op mijn Miss. Klokslag 13.00 klopte zij aan, betrad de kamer en stelde zich voor als M** J**g L**(20 jaar). Ik(op dat moment 45 jaar) was van de eerste minuut af vreselijk verliefd op haar. Ik biechte direct op dat ik getrouwd was en twee mooie dochters had. Zij was er getuige van dat ik zittend op het bed, met haar naast mij,  mijn vrouw in Nederland opbelde. Zij bleef die middag bij mij in het hotel en kwam 's avonds teug om bij mij te blijven  slapen. Ik beleefde mooie dagen en wij hadden veel plezier. Zij  vleide mij elke dag door  een prachtige verse roos voor mij te kopen en die in mijn revers te steken. Ik was de drie meisjes al lang weer vergeten en heb ook nooit meer iets van ze vernomen. Met M** trouwde ik in 1986 en kreeg met haar drie zeer talentvolle zonen.

Naast corrupte curatoren heb je natuurlijk ook erg domme curatoren.

Het geschiedde in Yerseke. Er was door iemand een compleet nieuwe fabriek gebouwd voor de productie van mosselmaaltijden. De nieuwe gebouwen vertegenwoordigde een bedrag van 2.000.000 gulden. De totale inventaris aan machines, transportmiddelen, verpakkingsmachines etc. werd officieel getaxeerd op 1.100.000 gulden. De bank verstrekte een krediet van 1.600.000.

Het bedrijf zat na de start al direct in de problemen omdat een fabrikant volstrekt ondeugdelijke verpakking voor de maaltijden had geleverd en dus niet door de ondernemer werd betaald. Hierop legde de fabrikant beslag op alle goederen en inventaris, waardoor er slechts een faillissement overbleef. Buiten de bank om was er  geen enkele crediteur.

Het onroerend goed was door de slimme ondernemer in een andere BV ondergebracht. Hij verkocht het onroerend goed aan twee ondernemers, waardoor de bank volledig kon worden afgelost.

De niet slimme curator mevrouw B**s, organiseerde een openbare verkoping voor de inventaris. Inmiddels had ik zo goed als zeker al een afspraak gemaakt met de kopers van het onroerend goed om de inventaris tegen boekwaarde over te nemen. Het ging dus om 1.100.000 gulden. Zij, de curator,  had alles gepland op een dinsdag. Ik vroeg haar dit niet door te laten gaan en te wachten op mijn afspraak,  die donderdag er op. De dag waarop de deal zeker rond zou komen voor 1.100.000. Dat kon echter voor haar niet want zij had de advertenties voor de openbare verkoop al geregeld.

“Mevrouw B**s”, zei ik, “realiseert u zich wel dat er dan een afspraak komt met alle gegadigden waarin zij besluiten dat de groep zich laat vertegenwoordigen door slechts één man, die naar de openbare verkoop komt. In dat geval moet u het geboden bedrag wettelijk aanvaarden en dat zou wel eens veel minder kunnen zijn dan de 200.000 gulden die de crediteur vraagt (hoewel onterecht) en in ieder geval veel minder dan de 1.100.000 waarvoor ik het kan  verkopen.”

Weet u waarvoor alles verkocht is:…………………………..voor 37.000 gulden. Ik had gelijk gekregen. Hopelijk heeft de toen nog onervaren curator hiervan geleerd. Voor de meer dan een 1.000.000 gulden winst die de gezamenlijke ondernemers maakten ontving ik met groot gebaar een fooitje  van 5.000 gulden. Een weer verkeerde keuze dus.

Het moest er van komen. Een huwelijksscheiding zat er aan te komen. In 1983 was ik gevraagd door S*****n v de B**g(de Olympisch Kampioen) om voor hem een windsurffabriek te bouwen in Bangkok en een sportkledinglijn te ontwikkelen. Naast nog een vriend uit Bangkok, zou ik deelnemen in die activiteit. Ik was een afgestudeerd Marketing Manager, had een aardig netwerk opgebouwd in Thailand en moest dit klusje dus kunnen klaren.

Naast laatstgenoemde activiteit had ik ook nog het volgende onderhanden.

 In 1984 kreeg ik een opdracht van enkele bloemenkwekers uit Bovenkarspel om in Thailand uit te kijken naar geschikte velden voor het kweken van zaden en bloemen.

 Dit alles was bedoeld om verse snijbloemen vaasfris op de Oosterse markten te brengen. Tot nu toe was dat nog niet gelukt vanwege de lange vliegreizen en het feit dat verse bloemen soms urenlang in de zon op een vliegveld stonden. Van koeltransport en koelopslag van bloemen had men aldaar nog geen kaas gegeten.

 In mijn netwerk, dat  ik inmiddels in enkele jaren aldaar had opgebouwd, vond ik investeerders  die er wel brood in zagen. Een van de eerste was de heer Vivat Ithinirakomol, een producent van teakhouten fotolijstjes. Hij was een ex-fotograaf. Pas veel later kwam ik er achter dat hij illegaal hout kapte in de Noordelijke oerwouden.

 Omdat Vivat hoog in de politiek zat kwamen er al gauw meerdere aandeelhouders bij, waaronder twee generaals respectievelijk Prem en Arthit, de rijkste vrouw van Thailand mevrouw Prapat, een televisiepresentator de heer Tiniwat en nog wat duistere Prinsen, die vrijwel allemaal met schoonheidskoninginnen  waren getrouwd. Aldus verkeerde ik al gauw in hoge kringen.

 Er werd een maatschappij opgericht met mijzelf als Marketing Director. Er werd van mij verwacht dat ik de onderneming in zijn geheel vorm zou gaan geven, van niets naar iets groots.

 Samen met de heren Tiniwat, Vivat en de minister van Landbouw, kochten wij van keuterboertjes, die voornamelijk peulvruchten teelden, de grond op voor een krats met de belofte dat zij in ons project zouden worden tewerkgesteld, met hun hele gezin.

 De velden die ik in samenwerking met anderen vond, waren gelegen in de Noordwestelijke hoek tegen Birma aan, bij Mae Hong Son. Later bleek dat een gevaarlijke keuze omdat de meeste gezinnen naast hun eigen land ook werkten, over de grens, op de opiumvelden in Birma. Daar waren die jongens niet blij mee, dat wij hun personeel afsnoepten. Dit was de reden dat we twee generaals als aandeelhouder hadden. Die konden ons van wapens voorzien ter zelfverdediging.

 We begonnen met het cultiveren van ongeveer 10ha grond, waarop een jaar later de Thaise bollenvelden te zien moesten zijn. Er omheen werd alles gereedgemaakt voor massa’s aan verwachte toeristen. De gemiddelde temperatuur in die streek is 25 graden, dus uiterst geschikt voor bloemen- en zaadteelt. Er kwam nog een activiteit bij die ik in  Holland had opgedaan: droogbloemen aangebracht op wenskaarten. Zodoende konden niet verkochte verse bloemen toch worden gebruikt. Het moest een hele industrie worden.

 Q.v.D., een zoon uit een bekende kwekersfamilie, waarmee ik samen naar Thailand was afgereisd ging de bloemencultuur doen. Hij heeft als veredelaar vele honderden bloemen op zijn naam staan. Ik reisde heen en weer naar Nederland om zaden op te halen, waarvan soms de waarde van 1 gram zaad meer kostte dan 1 gram goud.

 Onze velden lagen op een helling en onder aan die helling stroomde een riviertje. Q. bouwde boven op de helling een grote betonnen bak (mijn idee)  en pompte het water uit de rivier in die bak. Aan de zijkanten waren schuiven aangebracht die na opening het water over de velden deed stromen.  Wat wij als Hollanders gewoon even doen werd in Thailand nog als een wonder beschouwd.

 Ik bestuurde de onderneming later vanuit Bangkok terwijl Q. de productie nabij Chiang Mai deed. Regelmatig reisde ik 800 km naar het Noorden en terug. Comfortabel met het vliegtuig van mevrouw Prapat, die ongeveer 12 passagiers kon meenemen. Ik had even daarvoor in Holland, in1980, mijn vliegbrevet gehaald, zodat ik dan mee mocht als copiloot.

 Over deze mevrouw Prapat moet ik nog even een leuke anekdote vertellen.

 Tijdens een vlucht van Chiang Mai naar Bangkok nodigde mevrouw Prapat mij, via haar Filipijnse privé secretaresse, uit voor een zakelijke bespreking in één van haar kastelen, ditmaal in Pattaya. We reden in haar Bentley met chauffeur van het vliegveld naar haar huis.

 Ik was onder de indruk van dit kasteel en zeker toen ik een rondgang door het paleisje had gemaakt. Wij gingen daarna in één van de vertrekken aan een grote rijk gedecoreerde Chinese tafel zitten. De secretaresse stak van wal in het Engels. Mevrouw Prapat was geen Thaise, maar honderd procent Chinees. Zo vertelde zij het verhaal van haar mevrouw. Mevrouw Prapat was getrouwd geweest met één van de rijkste Chinezen. Deze man vluchtte uit China voor het communistische bewind en vestigde zich in Thailand. Hier kocht hij zich in, in alle auto import ondernemingen van alle Japanse merken. Hij was op den duur eigenaar voor grote restaurantketens; staalfabrieken, computermaatschappijen; banken etc. Zo werd hij de rijkste man van Thailand. Hoe hij het voor elkaar heeft gekregen weet ik niet,  maar tijdens zijn vlucht  uit China heeft hij een geweldige hoeveelheid Chinese kunstvoorwerpen meegenomen, waarvan men in Thailand zegt, dat de waarde daarvan vele malen groter is dan dat van het Nationaal Museum in Taiwan. Waar ik ook eens geweest ben. Ik had nog nooit zo veel luxe bij elkaar gezien in dat huis van zijn weduwe, want de heer des huizes was inmiddels overleden en mevrouw Prapat was de enige erfgename. Het gesprek dat wij hadden ging steeds dieper en werd steeds persoonlijker. Zo vertelde zij, weer via haar secretaresse dat zij hét slechts drie keer met haar echtgenoot had gedaan en daar waren drie kinderen uit voortgekomen. Het is duidelijk een verstandshuwelijk geweest waarbij de rijkdommen van wederzijdse families waren ineengevlochten. Het was ongeveer drie uur ’s-nachts dat zij  mij via haar secretaresse een huwelijksaanzoek deed. Ik schrok me de kolere, vergeef mij deze uitdrukking, maar zo voelde het aan. Ook realiseerde ik mij dat zij in feite als hoofdaandeelhoudster in ons project, mijn baas was. Ook moest ik rekening houden met het feit dat Chinezen niet tegen gezichtsverlies kunnen. Het is erg lomp om nee te zeggen. Verder had ik te maken met wat fysieke problemen. Zij was meer dan twintig jaar ouder en rond, zo rond en vlezig dat je flink wat liters meer aan benzine moest meenemen om rond haar heen te kunnen rijden. Zij was in ieder geval meer dan 100 kg zwaar. Daarbij had zij kinderen van mijn leeftijd. Ook een bezwaar. Heb ik er ooit aan gedacht het verzoek positief te beantwoorden? Nee natuurlijk niet. Hoewel……….ik zou nu deel uit maken van de rijksten der aarde. Daar schuurde ik dus tegenaan. Uiteindelijk heb ik er haar van kunnen overtuigen dat ik onmogelijk in Holland zou kunnen scheiden, Daar heeft ze zich bij neergelegd. Toch nodigde zij mij vele malen uit voor grote feesten waarop wij samen  heel vaak op de televisie kwamen en men zich afgevraagd zal hebben wie ik was. Ik ben slechts één keer voor de televisie geïnterviewd maar daarin kon ik uit leggen welke zakelijk verbinding ik met mevrouw Prapat had. EEN VERKEERDE KEUZE? IK DENK VAN  NIET. Wel grappig dat ik dat heb mee mogen maken.

Overigens heb ik door haar steeds in de duurste hotels van Thailand kunnen vertoeven met alles er op en er aan.  Dit  kostte haar ongeveer duizend dollar per dag.

 Ik heb nog een leuk voorval te vertellen. Ik wisselde nogal eens van hotel in Bangkok. Gewoon om weer eens wat anders mee te maken. Overigens zou ik gevangenisstraf in Thailand krijgen of misschien wel de doodstraf,  omdat dit een belediging van het Thaise koningshuis is, voor wat ik nu ga vertellen.

 Ik verbleef dit maal in het Ambassador hotel in hartje Bangkok, nabij alle ambassades. Vanuit mijn kamer hoorde ik veel geroezemoes op straat. Ik kon zien dat alle verkeer werd stilgelegd en dat niemand meer het hotel in of uit mocht. Ik nam mij voor even naar beneden te gaan om eens te gaan zien wat er nu echt gaande was. Ik nam de lift en daalde af naar de lobby van het hotel. De deur op de begane grond ging open en ik stond oog in oog met de Kroonprins van Thailand. Ik kende hem omdat ik hem eerder al eens had ontmoet op een receptie in het Oriental Hotel( toen het mooiste en duurste hotel van de wereld). Hij had een jong ding aan zijn arm die hij zeer waarachijlijk net had opgepikt en ik begreep wat er gaande was. De Kroonprins moest even een wippie maken  in één van de kamers van het hotel en daarvoor moest alles wijken.  Wat dat betreft had hij een grote reputatie op dat gebied.

 En op zo’n moment denk je, wat zit de wereld toch rot in elkaar en ga je even terug in gedachten naar je gezin, vrouw en twee dochters waarmede ik tot aan mijn vertrek naar Thailand zo’n goede band had. Je weet dat er enige spanningen thuis zijn omdat er wat gebeurtenissen de revue zijn gepasseerd, waaraan ik schuldig ben. Toch wilde ik niet van mijn vrouw scheiden. Ik houd weliswaar nog steeds van H****e, maar onbereikbaar als die is had ik toch maar een lieve vrouw, die altijd goed geweest is. Wij voedden de dochters op zonder enig meningsverschil. Ik had nooit voor die onderneming in Rotterdam moeten kiezen. Als ik dat niet gedaan had was ik gebleven wat ik was. Algemeen Directeur van een grote onderneming met toekomst en had ik nu een grandioos pensioen gehad. Dit pensioen hield op bij het geen premies betalen daarvoor. Toen ik voor mijzelf begon in 1980 moest ik opnieuw een pensioen afsluiten maar werd daarvoor uitgesloten omdat ik een hartinfarct achter de rug had en psoriasis had. Op dat moment vond ik dat niet heel erg, omdat ik er van uit ging toch voldoende geld op mijn 65ste zou overhouden. Feitelijk een verkeerde keuze, immers mijn vader had mij toch voorgehouden: wees vertrouwd maar vertrouwt niemand. Zelf was hij na het overlijden van mijn moeder door een vriendin uitgekleed en beroofd van een substantieel bedrag aan spaarcenten. Zijn gehele leven was hij zuinig geweest, te zuinig. Wat mijn moeder tekort is gekomen heeft zijn vriendin ingehaald. Nog nooit had  hij met mijn moeder een reisje gemaakt. Met zijn vriendin ging hij op vakantie of kwam hij er net van terug. Nog begreep ik de les niet die ik daaruit kon opmaken. Het is mij gedurende mijn huwelijk met A**e voor de wind gegaan en behaalden samen de graad: steenrijk. Ik kon niet voorzien wat mij in 1985 zou overkomen.

 In het bloemenprojekt participeerdende FMO ofwel de Financiële Maatschappij Ontwikkelingslanden. Zij investeerden vooral in de zaden en hulpmiddelen.

 Het zogenaamde ontwikkelingsgebied waarin ons project was gelegen kreeg steeds meer aandeelhouders en mensen die het ook voor het zeggen wilden hebben. Vooral militairen, die het bewind voerden in Thailand.

 Langzamerhand zag ik dat het riviertje dat onderaan onze helling liep werd verbreed en verdiept. In een jaar tijd veranderde niet alleen de rivier maar de gehele omgeving. Er kwamen meer industrieën die gebruik konden maken van transporten over de rivier. Ineens verduizendvoudigde de grondprijzen, waarvoor alle aandeelhouders slechts een krats voor hadden betaald en kwam ik er achter dat de minister van landbouw over voorkennis beschikte met betrekking tot wat er komen zou en dit had gedeeld met een groot aantal vrienden en familie.

 Het ging hen dus helemaal niet om bloemen, maar men had dit als vehicle gebruikt om de boeren om de tuin te leiden en hun goedkope grond af te staan.

 Hoewel ik als Marketing Directeur te boek stond heb ik geen enkele financiële stroom kunnen, nee mogen, volgen. Opeens was al het geld dat in de bloemen was geïnvesteerd en ook al verdiend, weg.

 Vanaf het begin was mij verteld dat de veiligste manier om het geld te beheren was dit te storten op een rekening van mijnheer Viwat. Hij bemoeide zich ook met een huis dat de firma voor mij zou gaan huren, Immers ik onde tot aan die tijd steeds in dure hotels , waarin zoals later bleek hij ook de eigenaar was en daardoor al mijn post kond onderscheppen. Zij hadden namelijk door dat ik nog steeds ook voor andere zaken bezig was, zoals de surfplanken, sportkleding, agentschappen etc.

Terug naar het huis. Ik vond een schitterende woning voor 800 dollar/mnd. Een paar dagen daarna kwam ik er achter dat hij met de huurbaas had afgesproken dat die 1600 dollar in rekening zou brengen bij onze onderneming. Die 800 dollar meer stak Viwat uiteindelijk in eigen zak.

 Maar dat heeft hij ook gedaan met de gelden in de onderneming. Veel Nederlands geld van FMO. Mijnheer Viwat was opeens verdwenen met al het geld van de onderneming en we hebben hem nooit meer gezien.

 Probleem voor mij was dat ik ook al bijna een jaar niet weg kon uit Thailand omdat ze mijn paspoort hadden ingenomen, zogenaamd voor het verkrijgen van een “working permit.” In werkelijkheid werd ik daarmede gechanteerd om de wetenschap die ik had over de bloemenmarkt en andere kennis aan hen over te dragen. Ik kon daarom niet meer naar Nederland en kon ook mijn inmiddels Koreaanse vriendin niet bezoeken.

 Toen ik mijn paspoort terugkreeg ben ik vertrokken naar Hong Kong, om aldaar te gaan doen wat ik in Thailand ook al had voorbereid. Het werd een tijd waarin ik steeds weer reisde tussen Korea, Hongkong en Bangkok.

 Teneinde mijn huwelijk te redden (met die Koreaanse had ik absoluut al lang geen toekomstplannen meer vanwege haar wisselende en vreemde gedragingen) stelde ik mijn vouw en dochters voor naar Hongkong te komen om een appartement te gaan uitzoeken, omdat alles er op wees dat ik daar succes zou hebben. Mijn dochter D****e wilde niet mee, omdat ze in Holland al verkering had. S****e, mijn jongste dochter kwam met haar moeder mee. Ze zouden een week blijven. Wij bezochten wat appartementen. Allemaal appartementen waarin Chinezen hadden gewoond. De één nog smeriger dan de ander. Chinezen zijn nu eenmaal vuil. Mijn vrouw was al eens met mij in Singapore geweest en in Thailand, maar voor mijn dochter S****e was dit een openbaring. Omdat ons hotel grensde aan een immens winkelcentrum ging zij heel diplomatiek veel winkelen om haar moeder en vader even alleen te laten. Wij sliepen namelijk met zijn drieën op een kamer, omdat het hotel vol was. Merkwaardigerwijze was mijn libido echter gedoofd.  

 In een ander appartement dat ik later gemeubileerd huurde lagen de slangenvellen nog achter het fornuis. Ja, ik woonde weliswaar op de tiende etage van het Elisabeth House, maar op de begane grond was een slangenrestaurant. Zoals wij even in Holland een patatje gaan halen, halen zij even een slang op voor het diner.

 Wij hebben dus geen keuze voor een woning kunnen maken en moesten over naar plan B,  dat ik nog niet had. Terug van Hongkong deden wij Bangkok nog even aan. Daarna reisde mijn vrouw en dochter terug naar Holland. Mij verdrietig achterlatende. Ik had op dat moment niets meer in Nederland te zoeken en wilde in Hongkong tevens werken aan uitvinding die ik had gedaan met een enorme wereld potentie.

 wordt vervolgd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wordt vervolgd